3 AZEB rapporten over LCA, vastgoedwaarde en sociale duurzaamheid

  • 19 augustus 2019

Het Europese project AZEB leverde zomer 2019 3 gedetailleerde rapporten op na studies over LCA, vastgoedwaarde en sociale duurzaamheid van nZEB’s. Op de website zijn er artikelen over gepubliceerd die DNA in dit artikel samenvat. Enkele van de uitkomsten: de totale milieueffecten van nZEB’s zijn aanzienlijk lager dan die van conventionele gebouwen. En minder onverwachte onderhoudskosten en verbeterde comfortomstandigheden van een nZEB beïnvloeden de vastgoedwaarde en de bezetting positief.

Rapport: nZEB Demo buildings environmental impact through LCA

De totale milieueffecten van nZEB’s zijn aanzienlijk lager dan die van conventionele gebouwen. Dit is de conclusie van een nieuwe AZEB-studie waarin de milieuprestaties van 3 AZEB-casestudy’s werden geëvalueerd met behulp van de levenscyclusanalyse (LCA). De combinatie van LCA met optimalisatiemethoden vergemakkelijkt beslissingen om de milieueffecten van nZEB’s te minimaliseren, terwijl de kosten zo laag mogelijk blijven. AZEB beveelt aan om LCA te gebruiken vanaf de vroege ontwerpfasen, wanneer beslissingen worden genomen die de grootste invloed hebben op de milieuprestaties van het gebouw.

De LCA-studie helpt ook bij de optimalisatie van goedkope oplossingen met minimale impact op het milieu. Hoewel LCA-onderzoeken duur en tijdrovend kunnen zijn, moedigt de AZEB-methodologie aan om eenvoudige LCA-tools met een gebruikersvriendelijke interface te gebruiken, zodat een dergelijke studie niet te veel tijd vereist en tegelijkertijd een correcte gevoeligheid voor ontwerpparameters biedt. De multicriteria-aard van LCA kan leiden tot een complexe studie die veel afwegingen of interacties tussen criteria impliceert.

AZEB beveelt aan om rekening te houden met de milieueffecten in de reeks vereisten voor elk nZEB-project. Hoe ambitieus de doelen zullen zijn, hangt af van de klant. Maar de integratie van het levenscyclusperspectief in het bouwproces is belangrijk voor het creëren van een duurzame visie en projectopzet. Samen met de levenscycluskosten moet LCA het nemen van beslissingen vergemakkelijken om de milieueffecten van nZEB’s te minimaliseren, terwijl de kosten zo laag mogelijk worden gehouden. Het doel is om de best beschikbare opties te nemen. Afhankelijk van de projectfase kunnen verschillende detailniveaus voor LCA-evaluatie worden nagestreefd.

Meer over deze studie lees je hier.

Rapport: Real Estate Value and Occupancy Rate in nZEBs

De prestaties van een gebouw hebben een rechtstreeks verband met hoger comfort en dus met betere levensomstandigheden voor de gebruikers. Minder onverwachte onderhoudskosten en verbeterde comfortomstandigheden van een nZEB beïnvloeden de vastgoedwaarde en de bezetting positief. Dit is de conclusie van de AZEB-studie ‘Real Estate Value and Occupancy Rate in nZEBs’. Het laat zien hoe de AZEB-methodiek deze waarden beïnvloedt, nu en in de toekomst. In de studie zijn 5 projecten in verschillende fasen van hun levenscyclus onderzocht. Het rapport komt met 6 nuttige aanbevelingen.

De methodologische stappen van AZEB hebben in de initiatief- en ontwerpfasen de grootste impact op de uiteindelijke vastgoedwaarde van het toekomstige gebouw, omdat hier genomen beslissingen de kwalitatieve en kwantitatieve kenmerken van het gebouw vormen. Modern exterieurontwerp, gecombineerd met een slim interieur en state-of-the-art installaties leveren een aantrekkelijk gebouw op voor de bedrijven die op zoek zijn naar renderend onroerend goed. Het is ook een aantrekkelijke keuze voor mensen die zoveel mogelijk waarde voor hun investering willen krijgen.

Het gebruik van kosteneffectieve ontwerpprincipes en het toepassen van methoden voor waardeoptimalisatie kunnen de investeringsprestaties verbeteren en waarde toevoegen aan het gebouw door een betere toepassing van het beschikbare budget.

Hier lees je meer over dit rapport.

Rapport: Social sustainability reports for AZEB case studies

AZEB onderzocht het gebruik van indicatoren om de sociale prestaties van een gebouw te meten. Twee AZEB-casestudy’s, in Spanje en Bulgarije, stonden centraal. De studie laat zien hoe de Europese norm kan helpen bij de besluitvorming voor kosteneffectieve nZEB’s. Voor de casestudy’s is een gratis en relatief eenvoudig beoordelingsinstrument geselecteerd: het Nederlandse AQSI. AZEB identificeert verschillende kansen om de kosteneffectiviteit en betaalbaarheid van nZEB’s te optimaliseren met beoordelingsinstrumenten, zodat de sociale prestaties van gebouwen verbeteren.

Sociale prestaties van het gebouw gaan over de manier waarop gebruikers en de bredere samenleving het gebouw ervaren. Aangezien gebouwen uiteindelijk worden gemaakt voor gebruikers en de samenleving, is dit een essentieel prestatiegebied. In werkelijkheid krijgt dit aspect vaak alleen impliciete en zelfs onvoldoende aandacht in het ontwikkelingsproces. En de sociale resultaten worden zelden op een gestructureerde manier gemeten. Bij nZEB’s wordt vaak de nadruk gelegd op kosten en energie-efficiëntie van het gebouw. Veel beslissingen over ontwerp en constructie en onderhoud beïnvloeden echter de ervaring van de gebruiker en de samenleving. De bekendste aspecten van sociale prestaties zijn waarschijnlijk comfort en gezondheid. Er zijn ook andere relevante aspecten, zoals toegankelijkheid, aanpassingsvermogen en of het makkelijk is te onderhouden.

AZEB social sustainability

De AZEB-methodiek benadrukt dat het gebruikersperspectief en de gebruikerservaring vanaf het begin van het project moeten worden meegenomen. Met dit rapport laat AZEB zien hoe dit op een praktische manier kan worden gedaan in projecten, met behulp van bestaande tools en methoden.

Deze AZEB-studie laat zien hoe toepassing van de Europese norm kan helpen bij het nemen van beslissingen voor kosteneffectieve nZEB-ontwikkeling. Voor de casestudy’s is een gratis en relatief eenvoudig beoordelingsinstrument gekozen: het Nederlandse AQSI. Het is specifiek gericht op het beoordelen van de sociale prestaties van alle soorten gebouwen en volledig is gebaseerd op de Europese normen

De conclusie van het AZEB-onderzoek is dat er expertise nodig is om de beoordeling te kunnen maken en onderbouwen. Technische vaardigheden moeten worden gecombineerd met een grondige kennis van gebruikersgedrag en gebruikerservaring en inzicht in lokale contextuele factoren die hierop van invloed kunnen zijn. Een fors eisenpakket voor één persoon, momenteel lijken experts met deze specialisatie zeldzaam op de markt te zijn. Het risico is bovendien dat belangrijke factoren over het hoofd worden gezien wanneer slechts één persoon betrokken is bij een ontwerp- of beoordelingstaak. Daarom adviseert AZEB om een ​​procesoplossing te kiezen waarbij verschillende specialisten op het gebied van sociale prestaties worden toegevoegd aan het multidisciplinaire team.

Over dit rapport lees je hier meer.

Over AZEB en DNA

DNA in de bouw is sinds mei 2017 coördinator van het Europese project AZEB: Affordable Zero Energy Buildings. Het project loopt tot voorjaar 2020. Met in totaal 8 partners uit 6 landen wordt in dit project een integrale methodologie ontwikkeld om kosteneffectief energieneutraal te bouwen. Bestaande technische, procesmatige en beleidsmatige oplossingen worden verzameld, doorontwikkeld en geïntegreerd. Vervolgens worden trainingsprogramma’s gemaakt voor verschillende doelgroepen in de bouwsector om zich deze kennis eigen te kunnen maken.


Waarom Bijna als Nul ook kan?

  • 1 augustus 2019

Tijdens een interview over Ecowijk de Kiem zei iemand onlangs tegen mij: wij hebben EPC 0 gehaald en dat is beter dan jullie met Bijna Energie Neutraal Gebouw (BENG). En geef haar eens ongelijk als je het zo bekijkt. Hoe is dat “Bijna” eigenlijk ontstaan? Het is niet slechter, het is anders. Om spraakverwarring voorgoed te voorkomen heb ik er deze blog over geschreven.

In 2010 is de EU een onderzoek gestart waarin twee zaken voorop stonden: Trias Energetica en kosten optimaal. De kosten optimalisatie zorgt voor dat “Bijna”. Om de zuinigheid van een woning goed te kunnen inschatten kan je het beste vragen naar het verbruik van de verwarming per vierkante meter (uitgedrukt in kWh/m2y). Door nu dat verbruik af te zetten tegen de Total Cost of Ownership (TCO) oftewel de totale eigendomskosten, zie je heel duidelijk dat als je te weinig doet aan isolatie, luchtdichting, balansventilatie, de investering wel laag is, maar de exploitatie veel te duur wordt.

grafiek EPBD 2016Andersom werkt in feite hetzelfde: doe je te veel dan wordt de investering ten opzichte van het gewin op de exploitatie weer veel te duur. Autarkisch bouwen is in feite alleen gunstig als je veel geld over hebt, je verdient het namelijk in 30 jaar (duur van de meeste hypotheken) niet terug anders dan door minder belastingen.

Ga je dit ook nog macro economisch bekijken dan is het helemaal niet gunstig om alle stroom over het hele jaar zelf op te wekken op je eigen dak. Je hebt namelijk toch een infrastructuur nodig voor de lacune in de winter. In 2013 kwam Ecofys, die het onderzoek had uitgevoerd, daarom met de term nZEB (NEARLY Zero Energy Building). Oftewel “Bijna”, want dat is het meeste duurzame wat je kunt bereiken als je ook nog de infrastructuur duurzaam wilt maken.

Geen NEN maar NTA

De EPBD (Europese richtlijn energieprestatie gebouwen) is hier op aangepast in 2016, die dicteert onze nieuwe methode van rekenen voor energie van de gebouwde omgeving. Omdat we achterliepen met wat het klimaat van ons vraagt is niet gekozen voor een NEN norm (doorlooptijd zeker 5 jaar) maar voor een NTA (Nederlandse Technische Afspraken) de NTA 8800, dat kon in twee jaar op de rit worden gezet. Over de validatie NTA 8800 versus de nZEB-tool kun je hier lezen.

Dat “Bijna” is nog niet zo gek

Dat “Bijna” is dus nog niet zo gek. De bedoeling is dat de BENG 1 eis, dus de schilfactor, alleen op kosten optimalisatie zou worden doorgerekend en niet de opwekking. Maar Nederland zou Nederland niet zijn als we daar even aan tweaken: onze kosten optimalisatie is uitgevoerd op de BENG 2 eis, dezelfde schilfactor inclusief de opwekking zoals pv-panelen het rendement van de warmtepomp.

Wil je meer weten hierover haak dan eens aan bij een expertmeeting van DNA. Of – ook een aanrader – doe een cursus bij ons zusje KERN, zoals de praktijkcursus Energieneutraal bouwen en renoveren.

Carl-peter Goossen, voorzitter DNA in de bouw

Carl-peter Goossen